Wist je dat je je vooruitgang kan opslaan? registreer je nu!

Berg en dal

Ik (k)en mezelf!


In deze oefening leer je bepaalde gebeurtenissen van een andere kant te bekijken. Hierdoor ga je dingen zien op een positievere manier. De dingen waar je mee bezig bent in je hoofd, hebben een invloed op je gevoelens en je gedrag.

Hieronder geeft één van de Noknoks een gedachte bij een gebeurtenis. Kan jij hem/haar helpen om de situatie vanuit een ander standpunt te bekijken? 

Maak de oefening verschillende keren om jezelf hierin te oefenen. Elke keer verschijnt hieronder een nieuwe situatie.

Je kan misschien ook aan andere situaties denken, uit je eigen leven: klik in de balk onder 'de situatie' en vul je eigen voorbeeld in.

De situatie: Je beste vriend gaat naar een andere middelbare school dan jij. Hij koos voor een andere school dichter bij hem in de buurt.

DALEN: wat denk je?

BERGEN: wat denk je?

Nu heb ik niemand meer om mee op te trekken op mijn nieuwe school.

Nu kan ik nieuwe vrienden maken op mijn nieuwe school, terwijl ik af en toe nog eens afspreek met mijn beste vriend.

DALEN: wat voel je?

BERGEN: wat voel je?

Ik voel me in de steek gelaten door mijn beste vriend. Ik voel me alleen op de nieuwe school.

Ik heb zin om nieuwe klasgenoten te leren kennen. Ik voel me nog verbonden met mijn beste vriend.

DALEN: wat doe je?

BERGEN: wat doe je?

Ik sluit me op in mijn kamer als ik thuiskom. Op school praat ik met niemand .

Ik maak af en toe een uitstapje naar mijn beste vriend. Op school zoek ik een nieuwe vriendengroep.

Soms heb je automatisch gedachten bij een gebeurtenis. Je kan zo’n gedachten leren herkennen door aandachtig naar jezelf te luisteren. Deze oefening helpt je daarbij.

Je schrijft op waar je aan denkt en wat je voelt. Je staat dan stil bij je gedachten. Zo leer je meer vat krijgen op je gedachten en kan je proberen om de positieve kant ervan te bekijken. Het kan altijd dat je eens een dag hebt met wat negatievere gedachten of gevoelens. Dat is niet erg. Geef de moed niet op en probeer de oefening opnieuw.

De situatie

Wat ik denk, voel, doe...

Op een slechte dag denk ik dit:
En dan voel ik me:
Waardoor ik dit doe:
Op een goede dag denk ik:
En dan voel ik me:
Waardoor ik dit doe:

Tip - Kan jij zelf nog zo’n situaties bedenken? Oefen ook eens met een situatie die je zelf mee maakte. Hoe kan je dezelfde situatie op een positieve en op een negatieve manier zien?