Handige Harry en snuggere Siske


Jongeren bedenken positieve bijnamen over zichzelf en delen die met de groep op een speelse manier.

Informatie


Wie ben ik - Positief denken - Mijn talenten - Zelfbeeld

12 - 16 jaar

5-20 jongeren

25 min.

Balletje. Touwen of krijt om een dartsbord te maken voor de nabespreking

Tips


Deze activiteit is maar heel kort van duur, dus het is interessant om een aantal van deze kleinere acties aan elkaar te koppelen en op die manier toch een hele namiddag te werken rond één of meerdere van de knaltips. En de bijnamen kunnen natuurlijk ook verder gebruikt worden in de volgende activiteiten. Wissel ‘denkactiviteiten’ ook steeds a f met ‘doe-activiteiten’ om de aandacht van de jongeren erbij te houden.

Nabespreking


aak een levensgroot dartsbord en een lijn waar jongeren achter moeten staan, die ongeveer 1 meter verwijderd ligt van het dartsbord. Iedereen moet dan zijn mening geven over een aantal stellingen door naar een bepaalde plaats op het dartsbord te springen. Als ze springen naar het centrum van het dartsbord, dan zijn ze helemaal akkoord met de stelling. Staan ze eerder aan de buitenkant op het dartsbord, dan zijn ze niet akkoord of kunnen ze zich er niet in vinden. Laat enkele jongeren ook kort toelichten waarom ze naar die bepaalde plaats in het dartsbord zijn gesprongen. Stellingen kunnen zijn:

  • Ik vond deze activiteit leuk.
  • Ik heb iets bijgeleerd over iemand in de groep.
  • Ik kon gemakkelijk een positieve bijnaam voor mezelf bedenken.

De begeleider licht ook kort knaltip ‘ik (k)en mezelf’ toe en legt de link met www.noknok.be.

Verloop


In deze activiteit bedenkt iedereen voor zichzelf een alliteratie bij zijn naam, een bijnaam die weergeeft wat voor iemand jij bent. De activiteit gaat als volgt:

  • Iedereen staat in een kring.
  • De leider/leidster geeft volgende instructie: “Bedenk voor jezelf een bijnaam, zoals bijvoorbeeld Handige Harry of Snuggere Siske. Gebruik hiervoor een alliteratie, dat wil zeggen dat het woord dat je toevoegt met dezelfde letter begint als jouw voornaam. De naam die je jezelf geeft moet een positieve eigenschap van jezelf weergeven. We gaan ons dadelijk allemaal omdraaien, zodat onze ruggen naar elkaar wijzen in de kring. “Zodra je een bijnaam voor jezelf bedacht hebt, mag je je terug omdraaien. Iedereen doet deze opdracht op zichzelf.”
  • Als iedereen terug met zijn gezicht naar de binnenkant van de cirkel staat zegt iemand zijn nieuwe naam. Vervolgens wordt de kring afgegaan. De tweede persoon die aan bod komt, start echter met de naam van de persoon die eerst aan bod kwam, en noemt dan pas zijn/haar eigen naam. De derde persoon noemt ook eerst de namen van de twee voorgaande personen. Als iemand zich een naam niet meer kan herinneren, moet de persoon wiens naam werd vergeten even toelichten waarom hij/zij deze bijnaam heeft gekozen. Vervolgens wordt er opnieuw gestart en doorgegaan tot de laatste persoon alle bijnamen foutloos achter elkaar kan opnoemen.
  • Om de namen nog verder te laten inoefenen kan je vervolgens ook een bal laten rondgooien in de cirkel. Je start met een rustig rondje waarbij de bal iedereen in de cirkel moet ‘passeren’ en je bij het gooien van de bal de bijnaam van de persoon moet roepen naar wie je gooit. Na dit eerste rondje kan je vragen om de bal dezelfde weg opnieuw te laten afleggen, maar dan zo snel mogelijk. Je kan dit een aantal keer herhalen, totdat een toptijd wordt behaald.